laatste update sept 2011                                                              foto pine ridge rez in winter

 

Crying White Wolf                                                                                   hij wordt gemist 

Sinds februari 2011 mag Nico zich Crying White Wolf noemen en is hij lid van de Oglala Sioux Nation. Zijn familie woont in Oglala, Pine Ridge reservaat, South Dakota. Nico erfde de naam van Matthew Titus ll die het jaar daarvoor door een stom en tragisch auto ongeluk om het leven kwam.

Bij de Lakota is het een gewoonte als iemand sterft, de naam door te geven. Het gaat hier niet om de geregistreerde naam, dus namen als Jack, Sissi, Terry, maar de traditionele naam die ze overgekregen hebben omdat iemand van de stamoudsten of de spirituele leider van de Tiospe ( extended of uitgebreide familie) vindt dat iemand die naam moet dragen.

Crying White Wolf was de traditionele naam van Matthew Titus de tweede. Matthew was een jonge briljant in een trieste omgeving. Hij had een eigen wil en vocht tegen de neiging om mee te doen met zijn maatjes in gangs en het gebruik van drank en drugs. De verleiding voor hem moet erg groot geweest zijn.

Maar Matthew wilde de weg van zijn voorvaderen leren kennen, was leergierig naar de traditionele taal en leerde oude liederen en maakte zelf nieuwe. Hij drumde tijdens de Pow Wow’s, de traditionele dansfeesten.

Ik leerde hem kennen toen hij klein was in 2001. Meer dan negen jaar kan hij niet geweest zijn. Ik had lol in het kleine mannetje, te dik voor zijn lengte met een te grote mond, maar hij was lachen, hij was helder, nieuwsgierig en gewoon een feest om bij je in de buurt te hebben. We deden een feest voor kinderen, ik bakte pannekoeken bij zijn oma in de keuken terwijl iedereen lekker buiten zat. Hijkwam me gezelschap houden en vertelde mij dat hij Bull Fighter wilde worden als hij groot was.

Binnen twee jaar daarna ging ik terug naar Pine Ridge voor een project met kinderen en daar zag ik hem weer. Dit keer zijn we wat vaker op stap geweest met Matthew erbij en weer bleek hij leuk te zijn om om je heen te hebben. Hij had zijn hart op zijn tong en hij babbelde honderd uit tegen mij. Nu hebben die mensen het niet echt op met vreemde blanken en zeker de kinderen van het Pine Ridge Reservaat, maar ik was cool. Ik was van Overseas, dat was anders. Hij mocht mij zijn vriend noemen en hij was daar zichtbaar trots op. Ik nam hem overal mee naar toe. Hij had naar mij toe niets van de bescheidenheid die andere Native American Kids wel hebben. Die grote blanke vreemde man, maar voor hem was ik de vriend van aunti Darlene en aunti Darlene leerde hem ook alles over zijn voorouders.

Hij praatte de verf van de deuren en vroeg me het hemd van het lijf.

Daarna heb ik hem lang niet gezien. Ik hoorde af en toe van hem via zijn tante en alles wat ik hoorde was goed. Hij wilde studeren, buiten het reservaat, hij bleef uit de gangs, hij deed niet aan drugs en alcohol en ik besloot hem te gaan sponsoren. Ik bombardeerde hem een soort van tot mijn persoonlijk project. Ik stuurde geld, zamelde in, vertelde zijn verhaal en volgde zijn leven op een afstand zonder me er verder mee te bemoeien. (Als je geld stuurt, heb je weinig te zeggen over hoe het uitgegeven wordt, ben je het niet eens over waar het aan uitgegeven wordt, moet je geen geld meer sturen.) Meestal ging het geld via via, maar ik vertrouwde erop dat het goed terecht kwam.

In 2009 was de laatste keer dat ik hem bezocht. Het was laat in de winter en tussen twee sneeuwstormen door ging ik naar Pine Ridge. Na een paar dagen kwam ik Matthew tegen, die uitgegroeid was tot een stevige gespierde tiener die menig meisjeshart op hol deed slaan. Daarnaast was hij erg charmant, bevestigde mijn vriendin.

We hebben hem compleet nieuw in de kleren gestopt. He was ready for the chicks that summer! Hij kon er weer tegen. Zoals voor elke puber was het ook voor hem belangrijk om goed tevoorschijn te komen op school en ver weg van zijn familie heeft dat hem zeker altijd gesterkt in zijn eenzame strijd om boven de armoede van het reservaat uit te klimmen.

Als vrienden namen we afscheid. Ik nam me voor om hem snel naar Nederland te laten komen om hem mijn wereld te laten zien.

Helaas is dat er niet meer van gekomen. In 2010 kreeg ik een telefoontje toen ik zat uit te rusten van een intensieve dag optreden in de tipi. Het was een goede vriend van mij die close relaties onderhoud met Native American People. Hij belde met de mededeling dat Matthew verongelukt was. Vreemde emoties overstroomden mij. Ik was in de war, ik wilde erheen, maar ik wist ook dat dat belachelijk zou zijn, het kon ook niet, ik had mijn verplichtingen hier, contracten, werk…maar ik nam me voor zodra ik een gaatje vond om erheen te gaan om dit voor mezelf een plek te geven en af te kunnen ronden.

In februari 2011 deed zich de mogelijkheid voor. Ik vertrok naar de States, verbond er gelijk een bezoek aan bij Kent Nerburn, een bevriend schrijver die veel publiceert over Indianen, bezocht Pipe Stone, de plek waar de steen wordt gevonden waar pijpenkoppen van gemaakt worden en reisde toen naar Pine Ridge, waar de familie zich bijzonder vereerd toonde dat ik speciaal uit Holland kwam om afscheid te nemen van Matthew. Wij zouden zeggen: mosterd na de maaltijd, voor hun is het geen probleem, want de rouw duurt daar een jaar en dan doen ze pas the letting go of the spirit. Tot dat moment hoort de overledene er gewoon bij, alsof hij er nog is. Er mag gelachen worden, maar er mag ook gehuild worden. Samen met zijn zusjes en zijn moeder, tante en kleine broertje en de vriend van zijn moeder, hebben we de plek van het ongeluk bezocht en zijn graf, maar we hebben ook veel gezellige uitsdtapjes gemaakt. Na een paar dagen hoorde ik van tante Darlene dat de familie had besloten dat ik zijn naam verder moest dragen; Crying White Wolf.

"Nu al komt er speciaal voor hem bezoek van een verhalenverteller uit Europa. Mijn kleinzoon zou een belangrijk man geworden zijn als hij was blijven leven!" vond oma Elizabeth. "Deze man heeft door de jaren heen laten zien een ware vriend van de familie te zijn."

 

wolven

white wolf prophecy

we are who we are and nothing else matters

native american the song of wolf